'Soo d'oude songen, soo pypen de jonge'

Tahné uses the proverb 'a household of Jan Steen' as a metaphor for her own family, which is far from average. Inspired by one of the great masters of the Golden Age's paintings, she creates scenes with her family members as lead characters. In doing so she uses all elements that her family deals with every day, such as financial problems and addictions, but also pride, loyalty and cosiness. Exaggerations and metaphors are being used by her, like by Jan Steen, to reveil her true story in a fictional image.

'Soo d'oude songen, soo pypen de jonge'

Tahné gebruikt het spreekwoord 'een huishouden van Jan Steen' als metafoor voor haar eigen gezin, dat verre van modaal is. Geïnspireerd op schilderijen van een van de meesters uit de Gouden Eeuw, maakt zij ensceneringen met haar gezinsleden in de hoofdrol. Hierbij maakt zij gebruik van alle elementen waar haar gezin mee te maken heeft in het dagelijks leven, zoals financiële problemen en verslavingen, maar ook trots, trouw en gezelligheid. Overdrijvingen en metaforen worden bij haar, net als bij Jan Steen, ingezet om haar feitelijke verhaal in een fictief beeld tot uiting te brengen.